Zelfstandig werken

Doelstellingen van het zelfstandig werken op de Triangel

Zelfstandig werken betekent dat kinderen de verantwoordelijkheid leren nemen hun eigen leerproces aan te sturen. Kinderen leren plannen, problemen oplossen, leren omgaan met uitgestelde aandacht, leren elkaar helpen, leren samenwerken, leren taken zelfstandig uitvoeren. Tijdens het zelfstandig werken kunnen kinderen op hun eigen niveau en op hun eigen tempo aan een opdracht werken die voor hen op dat moment van belang is. De motivatie van de kinderen wordt er door vergroot.
Als nevendoel heeft zelfstandig werken dat de organisatie van de activiteiten in de klas zodanig is geregeld dat de leerkracht niet voortdurend het gedrag van kinderen zelf hoeft aan te sturen, waardoor de leerkracht meer tijd en ruimte krijgt om met individuele kinderen of groepjes kinderen extra of aangepaste leerondersteuning te geven. (De extra hulp kan gegeven worden aan de zogenaamde instructietafel.) Ook krijgt de leerkracht meer zijn handen vrij voor observaties.

De opbouw van het zelfstandig werken op De Triangel

In de groepen 1/2 wordt vanaf dit schooljaar gewerkt met een planbord. Hierop bevinden zich een aantal kaarten die overeenkomen met de verschillende werkactiviteiten binnen de kleutergroep. Boven het desbetreffende kaartje hangt een cijfertje wat het aantal leerlingen aangeeft wat aan de activiteit kan deelnemen. De juf reikt het kind zijn/haar naamkaartje aan en de leerling plaatst het naamkaartje achter het kaartje waar de belangstelling naar uitgaat. Als het aantal naamkaartjes overeenkomt met het cijfertje wat boven het plaatje van de desbetreffende activiteit hangt, is de activiteit vol en moet de lln. het kaartje verplaatsen. Twee keer per dag wordt er op deze wijze gewerkt. Ook het werken in de kleine kring wordt op het planbord geregistreerd. De juf registreert de keuze van de leerlingen in haar map om zo een overzicht te houden over het speelgedrag van de kinderen en dit eventueel bij te sturen bij een eenzijdige keuze.
Zowel de leerlingen van groep 1 als van groep 2 gebruiken een multomap waarin het gemaakte werk en de registratiekaarten van spelletjes bewaard worden.
In de loop van groep 2 wordt de registratiekaart van het planbord geïntroduceerd. Hierop staan per week 5 onderdelen die de kinderen zelf gaan leren aftekenen. Als aan het eind van de week 5 kruisjes op verschillende onderdelen staan, wordt dat beloond met bijvoorbeeld een sticker.
De leerkrachten gebruiken een ketting waarmee zij aangeven dat de kinderen de leerkracht niet kunnen storen. Zo kan er instructie gegeven worden aan een klein groepje kinderen. De kinderen leren zo hulp te vragen aan elkaar en problemen met elkaar op te lossen zonder daar de leerkracht voor te raadplegen.
 

In groep 3 werken de kinderen enkele keren per week uit de zelfstandig werkkast. De inhoud wisselt iedere paar maanden, aangepast aan de lesstof die op dat moment wordt aangeboden. Zodra de kinderen voldoende kunnen lezen wordt er een aftekensysteem aangeboden. Daarop kunnen de kinderen zelf bijhouden welke werkjes ze al hebben gedaan.
Voor de groepen 4 en 5 is de afspraak gemaakt dat het zelfstandig werken twee tot drie keer per week een half uur wordt ingepland.
In groep 6 t/m 8 werken wij er naar toe de kinderen een uur per dag te laten werken aan een 'weektaak'. In deze taak zit zowel oefenstof uit de methode als extra werk. Ook stelopdrachten of tekenopdrachten kunnen in de taak worden gestopt.
Vanaf groep 4 leren de kinderen tijdens het zelfstandig werken door een onderverdeling van het werk in moetwerk en keuzewerk, hun eigen werk te plannen, prioriteiten te stellen en zelf verantwoordelijk te zijn voor het toekomen aan het keuzewerk. Ze gebruiken hiervoor een registratieformulier. Per groep en per kind wordt deze 'weeklijst' aangepast wat betreft leerstof. Ook hier mogen de kinderen hulp vragen aan elkaar en samen problemen oplossen. Het materiaal wordt gehaald uit de keuzekast.
De leerkracht begeleidt dit proces en gebruikt deze tijd ook om extra instructie te geven aan kinderen die daar behoefte aan hebben. Aan een vanaf groep 3 gebruikt symbool kunnen de kinderen zien dat de leerkracht even niet gestoord mag worden.