Sociaal-emotionele vorming
Sociaal-emotionele ontwikkeling
- Respect en waardering in woord (communicatie) en gedrag.
- Anderen en zichzelf waarderen ongeacht de verschillen.
- Sfeer waarin men zich op zijn gemak en veilig voelt.
Wij constateren dat niet altijd aan de voorwaarden kan worden voldaan. De oorzaken hiervan zijn:
- Het niet in staat zijn (het gemis aan handvatten); dit kan zowel voor de kinderen als de leerkrachten gelden.
- Het wordt niet als vanzelfsprekend ervaren.
- Kinderen komen met verschil in waarden en normen binnen.
Om de voorwaarden ten aanzien van de sociaal-emotionele ontwikkeling te blijven waarborgen willen we als team preventief en bewuster werken aan de sociaal-emotionele ontwikkeling van de kinderen.
De sociaal-emotionele ontwikkeling valt uiteen in twee delen, namelijk:
- De emotionele ontwikkeling; ik en mijn gevoelens en hoe ga ik daarmee om.
- De sociale ontwikkeling; ik en de ander en hoe ga ik daarmee om.
Omdat de twee ontwikkelingslijnen nauw met elkaar samenhangen worden ze binnen één ontwikkelingslijn genoemd: de sociaal-emotionele ontwikkeling.
Leefregels
Om tegemoet te komen aan de sociale ontwikkeling stellen we aan het begin van elk schooljaar samen met de kinderen een aantal leefregels op. Deze leefregels houden een aantal waarden in die wij op de Triangel belangrijk vinden. Ook bepreken we welke normen we daarbij hanteren. Nadat de regels in de groep zijn vastgelegd, wordt iedere week één leefregel in de groep centraal gesteld. De leefregels hangen in elk klaslokaal op een zichtbare plek zodat hier regelmatig naar verwezen kan worden.
De drie belangrijke waarden zijn:
- respect
- samenwerken
- verantwoordelijkheid
Behalve het werken met leefregels in elke groep zal het team een keuze maken voor een methodiek die gericht is op de sociaal-emotionele ontwikkeling; de handvatten die nodig zijn om de voorwaarden te waarborgen voor een optimale ontplooiing van de kinderen.
De Kanjertraining.
Het gehele team is getraind in het geven van de Kanjertraining in de klas. De kanjertraining is gericht op het creëren en behouden van een positief pedagogisch klimaat in de klas en op de sociaal emotionele ontwikkeling van kinderen. Het groepsgebeuren staat hierbij centraal en natuurlijk de rol die iedereen daarin speelt.
Het welbevinden van onze leerlingen op school en de sfeer in de klas vinden wij als team heel erg belangrijk. De kanjertraining kan daaraan een extra bijdrage leveren. Daarom geven wij de training aan alle groepen op onze school.
Het doel van de training komt in het kort erop neer dat je op een goede manier met jezelf leert omgaan en met een ander.
In de lessen komen o.a. de volgende thema’s aan de orde:
- Jezelf voorstellen
- Iets aardigs zeggen
- Weet jij hoe jij je voelt
- Kun jij nee zeggen
- Luisteren en vertellen
- Luisteren en samenwerken
- Vriendschap
- Je mening vertellen, maar niet altijd
In de kleutergroep en groep 2/3 werken we met het boek Max en het dorpje. Dit knieboek heet Het kleine Kanjerboek.
We lezen een hoofdstuk voor uit het boek, spelen het verhaal uit met de handpoppen en doen we een spelletje uit de handleiding wat gericht is op vertrouwen en samenwerking.
In groep 4/5 volgen ze de avonturen van Max en de klas en in de groepen 6, 7 en 8 komt Mister Peanut regelmatig ter sprake in het grote kanjerboek. In deze bovenbouwgroepen gebruiken de kinderen een werkboek om de stof verder uit te diepen.
Mister Peanut heeft slechte manieren en d.m.v. een verhaal waarin van alles fout gaat leren de kinderen Mister Peanut te corrigeren en tegelijkertijd zelf bewust te worden van hun eigen gedrag en de uitwerking daarvan op anderen.
In de onderbouw werken we met handpoppen en in de bovenbouw met petten, maar ook de kleuters weten welke petten er bij welke dieren horen.
In alle groepen leren we omgaan met complimenten. We geven complimenten en we ontvangen ze. Bovendien hanteren we door de hele school dezelfde regels en afspraken.
Eén van die regels is dat we terugvragen aan de kinderen welke pet ze op hebben bij bijvoorbeeld pestgedrag.
De kinderen kunnen dit dan benoemen. Zij hebben als ze ruziemaken de zwarte pet op die verbonden is aan de pestvogel. Bij het geven van een compliment gebruiken we de term “kanjer”.
“Wat ben jij een kanjer of wat heb ik een kanjers in mijn groep!”
Kinderen zijn zich niet altijd bewust van hun gedrag. Wij stellen de vraag: “ Is het de bedoeling dat…..” Op deze manier reflecteert het kind naar zichzelf en komt meestal tot de conclusie dat het verkeerd bezig was. Kortom, de Kanjertraining is een heel fijn middel om kinderen bewust te maken van de manier waarop ze bezig zijn en hoe het eventueel anders zou kunnen.
De onderstaande afspraken zijn het fundament waarop de kanjertraining rust:
| We vertrouwen elkaar | Tijger, kanjer (de witte pet) |
| We helpen elkaar | Tijger, kanjer (witte pet gedrag) |
| Je speelt niet de baas | Pestvogel, vlerk (zwarte pet gedrag) |
| Je lacht niet uit | Aap, pias (rode pet gedrag) |
| Je doet en bent niet zielig | Konijn, de bange (gele pet gedrag’ |






